Retroscoop - Grand Hotel Weber, een verdwenen Antwerpse parel RetroScoop
 
   Vrije tijd en amusement
    
 
 
De ´klik´ naar je gedroomde Klassiekers

Grand Hotel Weber
een verdwenen Antwerpse parel

©  Benoit Vanhees

  

Een buurt in volle expansie

Het elegante Antwerpse Grand Hotel Weber is een typische realisatie uit een tijdperk dat bekend stond als de Belle Epoque. De bouw van het sierlijke hotel op wandelafstand van het Centraal Station gaat terug naar 1900. In dat jaar werden op de hoek van de Keyserlei en de huidige Frankrijklei –toen Kunstlei- een houten danspaviljoen en een restaurant behorend aan het nabij gelegen hotel Mille Colonnes afgebroken. 


Bijlage bij aanvraag van verblijfsvergunning in juni 1926 door Nicolas Weber (onderdeel Vreemdelingendossier 62435 - SAA) met dank aan Hugo Cuypers
Nicolas Weber, omstreeks 1926

De bouwgrond werd aangekocht door Nicolas Weber. Deze Duitse immigrant (° 1861 te Effelder) was in 1887 naar Antwerpen verhuisd. Volgens sommige bronnen klom hij vervolgens op van ober tot bezitter-uitbater van het Kölner Hof (Hotel de Cologne) op de Keyserlei. Andere bronnen menen dan weer te weten dat hij niet is opgeklommen, maar gewoon van bemiddelde komaf was, of met een zeer vermogende vrouw in het huwelijk getreden is. Gezien zijn latere dure investeringen is dit zeker een verder uit te diepen hypothese.

    

De man deed blijkbaar gouden zaken met het Hotel op de Keyserlei. Na een aantal jaren had hij zoveel bijeen gespaard, dat hij naar nieuwe expansiemogelijkheden kon beginnen zoeken. Toen er dus een stuk grond aan de Kunstlei vrij kwam, zag hij een mooie kans om een prestigieus hotel op te richten. Tussen 1900 en 1901 liet hij daarom een groot L-vormig hotel met een fraaie koepel optrekken. Het ontwerp was van de architect H. Blomme(1)

Met zijn mooie koepel op de hoek leek het wel een klein beetje op een mini-versie van de Negresco uit Nice. Retroscoop-medewerker Hugo Cuypers maakte korte tijd voor zijn overlijden een fraaie tekening op basis van de door hem geraadpleegde blauwdrukken van de "opengeplooide" korte en lange gevels, met elkaar verbonden door de fraaie toren.


Tekening Hugo Cuypers / Nadruk verboden

De toren deed ook wat denken aan die van Hotel Central in Berlin Tiergarten. Hij was versierd met vier grote vrouwenbeelden in brons, die de continenten Europa, Azië, Amerika en Afrika voorstelden. De toon was dan ook meteen gezet: het paleisje begroette op deze manier niet alleen een vermogend maar ook een internationaal, kosmopolitisch cliënteel. 

Weber droeg de leiding van zijn eerste zaak, de "Cologne" over aan een Duitse vrouw, waarop hij zelf de leiding van de Grand Hotel Weber op zich nam.

Heel de stationsbuurt was in die periode in volle expansie. In 1895 was met de bouw van de overkapping in glas en metaal van het Centraal Station begonnen. Vier jaar later werd dan met de bouw van de eigenlijke "spoorwegkathedraal" zelf begonnen, het stenen gedeelte waarin de bureaus en loketten in zouden worden ondergebracht. Het indrukwekkende gebouw met zijn enorme koepel werd ontworpen door architect Louis Delacenserie. (Vreemd genoeg zou de man´s naam nooit echt tot het collectieve geheugen doorstoten) Het duurde tot 1905, eer het station volledig klaar was. 

 

 

Dichter bij het Grand Hotel Weber vielen eveneens grootse verbouwingen te noteren. Op de plek waar thans de Opera gevestigd is, bevond zich sedert 1893 een overdekte markt . De officiële naam ervan was de "Marché couvert de l’Avenue des Arts", een benaming die enkel in het Frans was aangebracht op de gevel van deze Antwerpse hallen. (Op sommige postkaarten wordt ook de benaming "Halles centrales" gebruikt) In de Belle Epoque werden ook zo’n eerder functionele gebouwen met de nodige fantasie ontworpen (denk maar aan de zwierige stijl van de veemarkt van Anderlecht). Ook voor de Antwerpse hallen hadden de ontwerpers hun verbeelding veel speelruimte gegund. De grote overdekte glazen hal werd als door twee boeksteunen geflankeerd door een koppel frivole torentjes. Hun ingewikkeld ontwerp deed wat denken aan die van het Kursaal van Blankenberge. 

Deze opvallende handelsinfrastructuur was evenwel geen lang leven beschoren: in 1904, nauwelijks 10 jaar na de ingebruikname werd het zonder veel pardon volledig met  de grond gelijk gemaakt. De marktactiviteiten werden vanaf dan naar de Van Wesenbeekstraat verplaatst. Op de plek waar de onfortuinlijke overdekte markt had gestaan, verrees de daaropvolgende jaren het statige operagebouw, of Vlaams Lyrisch Toneel (“Théatre Lyrique Flamand” ) zoals het toen nog heette. De inhuldiging ervan dateert uit 1907, maar het gebouw werd pas omstreeks 1909 volledig afgewerkt. 

 

Links van het operagebouw werd omstreeks 1904 of 1905 nog een ander hotel gebouwd. Eigenaar J. Cassiers doopte het sierlijke hoekgebouw Hotel Wagner. Oorspronkelijk lijkt het de bedoeling te zijn geweest om het hotel niet volledig aanpalend aan de opera te maken, maar een zekere ruimte tussen de twee gebouwen te laten. Dit is op onderstaande detailopname links goed te zien. Ook kan men al de verschillende bouwlagen van de Wagner reeds goed onderscheiden: 

 

Uiteindelijk veranderde men blijkbaar van gedachte. De Wagner werd uitgebreid tot tegen de zijgevel van de opera, waardoor in het eerste decennium van de 20ste eeuw een mooi aaneensluitend architecturaal geheel aan de Kunstlei ontstond.

Tussen de plek waar het Grand Hotel Weber zou verrijzen en de Opera bevonden zich een aantal huizen. Onderstaande foto toont aan dat deze zich er al voor de bouw van het mooie hotel bevonden: 


Juist onder de nok staat het woord drogerij, daaronder een reclame voor Singer naaimachines uit de Koepoortstraat. Van de Weber nog geen spoor
 

De functie van het huis aanpalend aan het Vlaams Lyrisch Theater (Opera), lijkt meermaals doorheen de jaren te zijn veranderd. Zoals hieronder te zien was het eerst een pianowinkel, omstreeks 1921 een patisserie (eethuis ?), stond het op een bepaald moment bekend als Restaurant Magique (zelfde moment als patisserie ?) en ook als Restaurant Mascotte. Het is niet helemaal duidelijk of ook dit restaurant eigendom was van Weber, of zo het een uitbesteding betrof. 

   

 

Blijkbaar kocht Weber de huizen uiteindelijk aan, om er een restaurant in onder te brengen. Op een groot aankondigingsbord werd de datum van opening meegedeeld, "uiteraard" alleen in het Frans. Erg lang werd niet naar een naam voor deze zaak gezocht: 

   
 

Na WO 1 stond het geheel bekend als "Grand Hotel (zie verder) 

Om de zichtbaarheid van het restaurant te verhogen, werd op een onbepaald moment ook een groot, smal en vertikaal reclamebord (lichtreclame ?) aan de gevel bevestigd. 

 

Hetgeen aan de zijkant van de "Restaurant" reclame
geschreven is, valt niet te ontcijferen

Het interieur

 

Behalve Restaurant Weber werd er in het nieuwe hoekgebouw ook een imposant café en een restaurant in Lodewijk XV stijl in gebruik genomen. Deze twee zaken zijn te zien op de reeks Uranja-postkaarten, die Mr. Weber ter promotie van zijn zaak liet maken. Deze reeks in Jugendstill / Art Nouveau toont telkens twee opnames: de buitenkant van het hotel, en dan een steeds wisselende binnenopnames: de reeks omvat (ondermeer ?) postkaarten die de vestibule, de leeszaal, de ontbijtzaal, het café en het restaurant Louis XV tonen.



De Weber bezat verder een zaal voor "distracties". Hierin traden lange tijd twee damesensembles op. Er was enerzijds het Wiener Damen Kapelle onder leiding van Hélène Hofmann en het Damen Blas Orchester Monte Carlo.

Het leek wel alsof Oostenrijk grossierde in zo´n ensembles. Afgaande op de postkaarten van gelijkaardige ensembles werd meestal dezelfde formule gebruikt: groepjes keurig uitgedoste jongedames met vaak eenzelfde kapsel, onder leiding van een mannelijke of vrouwelijke orkestleider.


Wiener Damen Ensembles schoten
als paddenstoelen uit de grond

We weten vooralsnog niet van het bestaan af van een postkaart die een hotelkamer van de Weber toont. Uit de commentaar op reclamekaartjes is wel af te leiden dat de kamers van alle luxe uit die tijd voorzien waren. "Maison de 1° ordre. Lift, chauffage et bains, éclairage électrique, appartements pour familles, jardin d´hiver, grand restaurant, grill-room", zo wordt het allemaal erg aanlokkelijk aangekondigd... Zeker voor wie zich die tijd levendig kan inbeelden...


 

Rumours of war

 

Van Nicolas Weber is ook nog geweten dat hij voor WO 1 zijn hotel meermaals gratis ter beschikking zou gesteld hebben voor acties van het Rode Kruis, en zich ingezet zou hebben voor de armen, door soepbedelingen te organiseren. (3) Bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog zou hij echter verstrikt geraken in een ingewikkeld kluwen van tegengestelde belangen, botsende loyauteiten, iets waarmee heel de Duitse "Kolonie" in Antwerpen en België mee te maken kreeg. Elk van haar leden zag zich verplicht om kleur te bekennen: kiezen voor hun Kaiser, of voor onze Koning... Elk van deze keuzes kon uiteindelijk verstrekkende gevolgen hebben.

 

Militair hoofdkwartier en het interbellum

In augustus 1914 viel Duitsland ons land binnen, en probeerde in een waaierbeweging over ons grondgebied snel naar Frankrijk door te stoten. Voor de familie Weber braken verwarrende tijden aan. De twee oudste zonen van Nicolas boden zich spontaan aan bij de Belgische strijdkrachten. Eén van hen werd toegevoegd aan de 2de Grenadiers, een andere bij de Jagers-Verkenners van de Burgerwacht.

Nicolas Weber van zijn kant verbleef in zijn buitenverblijf "De Zwaan" in Brasschaat. Blijkbaar zou hij in deze exclusieve buurt voor woede hebben gezorgd, door in de straten pro-Duitse slogans te hebben geroepen. Het resulteerde in een aframmeling door misnoegde getuigen.

Maar zijn pro-Duitse gevoelens bekoelden enigszins. Eerst werd hij door de Duitse gerecht veroordeeld voor desertie, wat hem eerst 18 dagen in de Antwerpse gevangenis deed belanden, en vervolgens een maand in Duitsland. Vervolgens eiste de Duitse legerleiding zijn hotel op. Dit was een frequente praktijk bij de bezetter. In Brussel bijvoorbeeld werd ook het Palace Hotel op de Rogierplaats opgevorderd. De Duitse bezettende macht installeerde prompt een Kommandantur in de Weber, en ontzegde een misnoegde Nicolas Weber de toegang tot zijn eigen zaak.

De man bleef evenwel niet bij de pakken zitten. Niet lang daarna opende hij het Café Vénitien in de Keyserslei. Hij zou er zijn misnoegdheid over de bezetting van zijn hotel tot uitdrukking hebben gebracht, maar kreeg anderzijds Duitse officieren over de vloer.


In 1916 doet Weber iets vreemds: hij dient een klacht in bij het Duitse Schiedsgericht, waar hij beweerde dat zijn villa geplunderd was geworden. Hij eiste een schadevergoeding, die hem echter geweigerd werd. Hoewel het moeilijk met zekerheid te zeggen is, blijkt zijn klacht overigens volkomen verzonnen te zijn geweest. (4)

Misschien nog even vermelden, dat ook het Hotel St. Antoine in Antwerpen en het Stadshuis door de Duitsers bezet werden, zoals op de onderstaande postkaarten te zien is. 


Omstreeks de Wapenstilstand van 11 november 1918 vluchtte Weber naar Nederland.  

Vlak na WOO I werd de Weber tijdelijk een "YMCA" ofte Young Men´s Christian Association ("Soldatenkring / Home du Soldat". Iets gelijkaardigs gebeurde ook met het Hotel Ruhl in Nice, dat ook in deze rubriek van Retroscoop uitgebreid aan bod komt.

 

De naam Weber werd vanaf 1919 niet langer gebruikt om het hotel mee aan te duiden. Alles wat Duits klonk was niet bijzonder populair in die dagen. Vanaf de 1920´s stond het dan ook simpelweg bekend als het "Grand Hôtel". (Wat verderop in de Keyserlei veranderde Hotel Pschorr in Hotel Lutèce)

Na de Eerste Wereldoorlog werden ook een aantal verbouwingswerken ondernomen in het Grand Hotel. In 1920 werd op de benedenverdieping het café-restaurant Atlantic in gebruik genomen. Het is ons niet duidelijk of deze verbouwingswerken het einde betekenden van het restaurant in Louis XV stijl en van het Restaurant Magique.

Nicolas Weber bleef hopen om weer een permanente verblijfsvergunning in ons land te kunnen bemachtigen. Per slot van rekening hadden zijn oudste zonen de Belgische strijdkrachten al in augustus 1914 vervoegd. Maar de Belgische autoriteiten stonden erg wantrouwig tegenover de man en zijn oorlogsverleden. Pas in 1927 mocht hij weer even het land binnen met een tijdelijke toelating. Van een permanente toelating kwam niets meer in huis. In 1931 overleed de zaakvoerder van het voormalige Grand Hotel Weber in Duitsland.(5) 

In 1934 werd in de brede middenberm van de Kunstlaan (Frankrijklei), ongeveer ter hoogte van het Vlaams Lyrisch Theater, een monument ter ere van Peter Benoit opgetrokken. Eigenlijk was de beslissing hieromtrent al bij de dood van de componist in 1901 genomen, maar blijkbaar heeft de concrete invulling van het project meer palavers met zich meegebracht dan men had mogen verwachten. Het sobere Art Deco-monument omvatte ondermeer een rechthoekig waterbekken, dat al snel een onweerstaanbare aantrekkingskracht op dronkaards op de dool had. Ten tijde van Burgemeester Huysmans stond het monument in de volksmond niet voor niets bekend als "het zwemdok van Kamiel". Niet zo plezant voor de gasten van het chique Grand Hotel natuurlijk. Er loopt zelfs een moeilijk na te trekken gerucht, dat er op zeker moment een zeehondje in het waterbekken aangetroffen werd. Mocht dat krasse verhaal al waar zijn geweest, werd het beestje wellicht uit de zoo of uit een circus ontvreemd.

Rond het Peter Benoit-monument werd ter hoogte van het Grand Hotel ook nog een bloementapijt aangelegd. Dat ingewikkeld teamwerk van mens en natuur stelde het embleem van Antwerpen voor.

In 1951 werd door het toenmalig stadsbestuur o.l.v. Lode Craeybeckxbesloten om "Kamiel´s zwemdok" te verplaatsen. Blijkbaar was het verkeer ondertussen dermate toegenomen, dat deze verhuis niet langer kon uitblijven. Als nieuwe locatie werd voor het Harmoniepark gekozen.


Het zwemdok van Kamiel...

Zo´n fraai bloemenmozaïek zou vandaag niet meer mogelijk zijn...
Want naast het aanplanten vergt zo´n kunstwerkje ook veel onderhoud.
Vandaag moeten we het dus stellen met wat onderhoudsluwe zonnebloemen
en andere al bij al weinig overtuigende ingrepn... Zelfs de Driekoningenstraat
in Berchem doet ondertussen al veel beter dan het toeristische en
commerciële hart van Antwerpen...


Het sobere Art Deco monument op haar huidige ligging doet vooral dienst
als klimrek voor avontuurlijke bengels, uitkijkpost voor nieuwsgierige
kraaien en in de duisternis als speelhoek voor zwerfkatten.

Het "Grand Hotel" kwam in de 1930´s ondanks de naamsverandering weer in politiek gevaarlijk vaarwater terecht. Zowel Rexisten van Leon Degrelle als VNV´ers van Staf De Clercq vonden het een uitgelezen plek om vergaderingen en bijeenkomsten te organiseren. Dit leidde medio jaren ´30 tot een dodelijk incident, toen een in het nauw gedreven rechtse extremist, tevens orkestleider van het hotel twee socialistische belagers doodschoot.

Het mooie hoekgebouw werd in de 1940´s (?) voorzien van een voorbouw, een uitbreidingstechniek die later ook volop in de Keyserlei zou toegepast worden. Al bij al deed dit evenwel wat afbreuk aan het elegante ontwerp van dit gebouw.

Gezien het hotel ook op een druk verkeersknooppunt stond, met veel "passage", is het ook niet verwonderlijk, dat er vaak reclames in de buurt opgesteld werden. Uitvergrotingen laten bijvoorbeeld een zuiltje zien, waarop het woord Copain staat. Naar alle waarschijnlijkheid is het reclame voor een sigarettenmerk. Een andere mogelijkheid is dat ging het om publiciteit voor het Franstalige weekblad "(Mon) Copain" (°1927).

    

 

De doodsteek kwam vanuit de lucht

In 1940 deden de Duitsers nog eens over wat ze al eens in 1914 geprobeerd hadden. Ditmaal werd hun inval ondanks sporadische en heroïsche acties van de Belgische strijdkrachten een formaliteit, die op 18 dagen werd afgerond. Tijdens de bezetting werd de reputatie van het Grand Hotel als "zwart kot" bevestigd: het restaurant was een geliefkoosde uitgaansgelegenheid voor Duitse officieren.

De bezetting en de miserie die dit met zich meebracht duurde uiteindelijk tot september 1944. De Britse Luitenant-Kolonel D.A.H. Silvertop en zijn tanks rolden onder enthousiast gejoel de stad binnen, en de strategisch belangrijke haven viel quasi intact in handen van de Geallieerden. (Silvertop zou later omkomen tijdens zijn volgend offensief, dat hem richting Breda stuurde).

Uit weerwraak bestookten de Duitsers vanaf 13 oktober 1944 Antwerpen met honderden V-1’s en V-2’s. De schrikbarende maar onprecieze wapens vielen vaak kilometers van hun eigenlijk doelwit, de haveninstallaties. De raketten maakten zo nog eens honderden slachtoffers in de dichtbebouwde woonkernen. Antwerpen kreeg in totaal maar liefst 2500 V 1’s en 1200 V-2’s te verwerken, die samen 3500 dodelijke slachtoffers maakte, en duizenden zwaar gewonden. Wie het stadsplan ziet met de stipjes die de plaatsen aanduiden waar V-wapens terecht gekomen zijn, begrijpt beter de ingrijpende veranderingen die het stadsbeeld na de oorlog zou ondergaan. Heel het grondgebied van de stad zat onder de rode en zwarte stippen. (7)


Interessant... Een opname gemaakt vanuit de Grand Hotel Weber, richting Leysstraat
Het hoekgebouw met de toren rechts was toen het Grand Hotel du Métropole

Ook het Grand Hotel (Weber) werd het slachtoffer van zo’n V-wapen. Op 27 november  1944 werd vanuit Trier een 14 m hoge V-2 raket afgevuurd. Deze viel omstreeks 12u04 pal op het kruispunt van de Frankrijklei en de Keyserlei. Net op dat moment passeerde een Britse colonne van militaire trucks en jeeps, alsook een overvolle tram 3. De trams reden in die tijd nog bovengronds, dwars doorheen de Keyserslei en de Meir, en heetten dus nog niet "metro".

De ravage en het bloedbad na de inslag van de V-2 was enorm. 128 burgers en 29 militairen waren op slag dood, en de waterleidingen sprongen. Gelukkig lieten de breedte van de Frankrijklei en de Keyserlei de enorme luchtverplaatsing toe zich grotendeels te verspreiden. Daardoor bleef de schade aan gebouwen al bij al beperkt. Uiteraard sneuvelden al de ramen in de omtrek. Maar foto´s, korte tijd na de ontploffing genomen, tonen bijvoorbeeld geen Grand Hotel met ingestorte muren of een beschadigde koepel... 


Fotograaf onbekend
Churchill op weg naar een receptie op het Antwerpse Stadhuis in 1945

Bovenstaande persfoto geeft een goed idee van de schade: alle ruiten van de Weber zijn gesneuveld, en er werden houten panelen bevestigd voor de ramen van het eerste verdieping. Voor deze gelegenheid mochten een aantal mensen blijkbaar toch vanuit de tweede verdieping naar de ereparade voor de Britse premier toekijken.

Mogelijk waren er wel niet voor het blote oog zichtbare stabiliteitsproblemen. Mochten deze echter zeer ernstig zijn geweest, zou de ruïne zeker niet nog bijna 20 jaar in het straatbeeld aanwezig zijn gebleven, zoals het geval zou zijn. Niettemin kwam het Grand Hotel deze klap -letterlijk- nooit meer te boven. (8) 

Wat de metropool betreft, die moest de zwaarste opdoffer door een V-wapen nog krijgen. Op 16 december 1944 vielen in één vernietigende klap nog eens 567 doden, toen een V-wapen pal de Cinema Rex trof. Net zoals bij de V-2 op de Frankrijklei censureerden de Geallieerden alle persberichten rond deze tragedie, om het moraal van de Belgische bevolking niet nodeloos te schaden.

 

De teloorgang van een parel

De Grand Hotel zou na de oorlog nooit meer opnieuw een hotel worden. Redding zou wellicht nog mogelijk zijn geweest, mits men met de nodige financiële middelen over de brug zou zijn gekomen. 

Per slot van rekening zullen de eigenaars waarschijnlijk toch recht op een vergoeding hebben gehad, als gevolg van de schade veroorzaakt door de V-2. Of werd hen deze ontzegd, vanwege te vriendelijke omgang met de Bezetter ? Hoe dan ook, het erg Weens aandoend gebouw werd nooit in haar oorspronkelijke glorie hersteld. 

Niettemin moeten er op het gelijkvloers toch nog horeca-activiteiten hebben plaats gevonden. Een bijzonder onhandig ingekleurde postkaart uit de 1950´s (zie auto´s) toont immers een café in de hoektoren, prijzenlijsten aan de ingang alsook reclame voor Wiel´s.

 

Tijdens de zeer bewogen "Koningskwestie" in de jaren ´50, werd de gevel van de voormalige Restaurant Magique als groot uithangbord door de voorstanders van de terugkeer van Leopold III gebruikt. Oude foto´s tonen een drie verdiepingen hoog portret van de vorst in profiel. Daarnaast hingen de Leopoldisten een bijna even grote tekst op, met volgende boodschap: "Moest de Koning bij zijn volk blijven ? JA !" Op deze foto kan men zien hoe de uitstalramen van het restaurant door grote houten borden zijn vervangen, waarop de nabijgelegen cinema´s reclame maakten. Ook de ramen van het eerste verdiepingen waren met hout ontoegankelijk gemaakt, terwijl het 2° en 3° verdieping vrij toegankelijk waren voor onze gevederde vrienden. De gevel lijkt niet te hebben geleden van de klap van de V 2. Men kan zelfs nog altijd de inscriptie "Pianos" tussen de ramen zien, die verwijzen naar de pianowinkel die zich hier in het begin van de 20ste eeuw bevond. (9)

Het hotel zou tot in de vroege 1960’s leeg blijven staan, om vervolgens helemaal met de grond gelijk gemaakt te worden. Foto’s van protesterende studenten op de Frankrijklei uit de late 1960’s tonen een volledig vlakke leegte op de plek waar ooit de Weber met zijn sierlijke koepel pronkte.

Het wat verderop gelegen Hotel Wagner had meer geluk. Vanaf 1949 nam de verzekeringsmaatschappij De Vaderlandsche er haar intrek, en een waakzaam stadsbestuur hield er toezicht op, dat er niets aan de fraaie gevelstructuur werd veranderd.

Pas in 1973 werd opnieuw op deze plek gebouwd. Wie zo nu en dan wel eens vanuit het Centraal Station van Antwerpen richting Meir gewandeld heeft, kent ongetwijfeld de Antwerp Tower. Het ontwerp van dit 25 verdiepingen tellend kantoorgebouw dateert uit 1968. Het nieuwe kantoorgebouw troont boven iedereen en alles uit. Een meer confronterende architecturale stijlbreuk met het . Bedrijven als Promedia (Thans Truvo), uitgever van de Gouden Gids en Unilever vestigden zich in het kantoorgebouw. (10)

Het uitzicht van de buurt verbeterde absoluut niet, toen ook nog eens een “voorlopige brug” in de Frankrijklei werd opgetrokken. Deze metalen constructie, zoals er ook één in Brussel nabij de Groendreef stond, bleef tot 2006 mee het uitzicht van de wijk bepalen. Wat Antwerp Tower betreft, in 2005 werd zal verdwijnen. Gelukkig hebben het verdwijnen van de “voorlopige brug”, het zandstralen van de Opera en het behoud van het voormalige hotel Wagner deze buurt toch enigszins wat grandeur teruggegeven.

Post scriptum...

In maart 2015 doken opeens vier schimmen uit het verleden weer op. De vier grote bronzen (?) beelden die ooit de hoektoren van het Grand Hotel Weber versierden doken weer op in het Antwerps veilinghuis Amberes. Zoals eerder in dit artikel opgemerkt, stellen de vier beelden vier continenten voor. Zo wordt Amerika voorgesteld door een vrouwenfiguur, uitgedost als Indiaan. Deze beelden onderstreepten het cosmopolitisch karakter en gastvrijheid van zowel het hotel als Antwerpen.

Sedert ze van hun sokkels verwijderd waren geworden, moeten ze dus al die tijd ergens op een privé terrein of in een woning hebben gestaan. Ze brachten uiteindelijk 50 000 Euro op, wat al bij al niet echt een "overdreven" prijs is. Voor die prijs zou het alles behalve een schande zijn geweest, moest de Stad Antwerpen ze hebben aangekocht, ter verfraaiing van één of ander park of historisch gebouw. Een beetje zoals gebeurd is met de beelden op het verdwenen Zuidstation - terminus in Brussel. Helaas blijft het onbekend wie de nieuwe eigenaar is geworden, en of de beelden überhaupt in België blijven. Die voorzichtigheid is echter best te begrijpen, als men ziet hoe driest metaal- en antiekdieven soms te werk gaan. Het kerkhof van Laken bijvoorbeeld kan daar best over meespreken. Daar werden bronzen beelden op een oud graf simpelweg over de muur rond het kerkhof getild met een grote kraan... Misschien zijn er wel lezers die foto´s van de beelden hebben gemaakt, toen ze per opbod verkocht werden ? We zounden deze graag opladen op deze website. We zijn bereikbaar via het e-mail adres info@retroscoop.com

 

Voetnoten

(1) Kevin Bovyn: Duitse horeca-uitbaters tijdens de Belle Epoque en de Eerste wereldoorlog. Thesis Master Geschiedenis, RUG 2008-2009 p 46 en

Kroniek van Antwerpen 1801-1900

(2) Het is ons niet helemaal duidelijk of een hotel de eretitel "Grand HHotel" enkel maar vanaf een bepaald aantal kamers mocht gebruiken, of zo het eigenaars vrij stond om die term te gebruiken. Het precieze aantal kamers van het Grand Hotel Weber is voorlopig nog een ontbrekende inlichting.

(3) Bovyn p. 62

(4) Bovyn p. 89

(5) Bovyn p. 104

(6) ABVG Kroniek van Antwerpen

(7) Interessante documentaire, waarin op zeker moment de verrassende kaart van al de inslagen van V-wapens in Antwerpen wordt getoond

(8) V-2 inslag op de Frankrijklei (vanaf min. 7.20)

(9) Deze foto is te zien in: Struyve Johan & Van Deuren Karel: De toffe jaren ´50 p. 21 Antwerpen, Standaard uitgeverij, 1988

(10) Antwerp Tower 

 

 
 
database afsluiten